KWR rapport - KWR 2019.059

Efficiëntie van beregening en subirrigatie uit grondwater. Modelmatige analyses met SWAP en Hydrus-2D

Rapporten

Gewasopbrengsten in de landbouw zijn in belangrijke mate afhankelijk van de hoeveelheid vocht in de wortelzone. ’s Zomers is er door een neerslagtekort vaak een gebrek aan bodemvocht waardoor opbrengsten zonder beregening terug kunnen lopen. Zonder adaptieve maatregelen om schaderisico’s door droogte te beperken zullen watertekorten als gevolg van het veranderende klimaat vaker voorkomen.
Waterschap Limburg wil inzicht in de haalbaarheid en efficiëntie van subirrigatie als adaptieve maatregel, waarbij het lokale grondwater op een diepte van bijv. 10 m-mv, gebruikt wordt als bron van water voor agrariërs. Subirrigatie kan dan een alternatief zijn voor beregening. Om inzicht krijgen in het effect van deze vorm van subirrigatie op waterverbruik, bodemvocht en grondwaterstanden is eerder nabij de Mariapeel een veldproef ingericht en gemonitord. In aanvulling op deze veldproef is in deze studie de efficiëntie van subirrigatie met ondiep onttrokken grondwater ten opzichte van haspelberegening modelmatig onderzocht.
Dit rapport beschrijft de bevindingen van modelanalyses met SWAP waarmee de efficiëntie van subirrigatie en haspelberegening is onderzocht voor verschillende gewassen, bodemtypen en hydrologische randvoorwaarden. Met Hydrus-2D is nader inzicht verschaft in de stromingspatronen naar het gewas, ontwateringsmiddelen en de ondergrond bij subirrigatie. De efficiëntie voor zowel subirrigatie als beregening is voor het groeiseizoen uitgedrukt in de vorm van toegenomen transpiratie van het gewas per eenheid van netto aangewende waterhoeveelheid. Opgepompt en aangewend grondwater dat weer naar de ondergrond stroomt wordt daarbij niet als verlies beschouwd, uit het oogpunt van de grondwatervoorraad. Extra afvoer naar het oppervlaktewater is wel een verliespost.

Download pdf
Heeft u een vraag over deze publicatie?