AMVD Meetmethoden
Details
Microbiologische waterkwaliteit; Microbiologisch laboratorium; Chemische waterkwaliteit
KWRW-Waterwijs
Drinkwaterbedrijven voeren monsterprogramma’s van Cryptosporidium en Giardia in oppervlaktewater uit voor de kwantitatieve microbiologische risicoanalyse in de AMVD (analyse microbiologische veiligheid drinkwater). Steeds grotere monstervolumes – tot 1000 liter – zijn gebruikt om de detectiegrens zo laag mogelijk te krijgen. Hierbij bleek de opbrengst (recovery) vaak zeer laag, waardoor alsnog de detectiegrens hoger was dan gewenst. In dit onderzoek zijn historische meetgegevens verzameld en laboratoriumexperimenten uitgevoerd om meer inzicht te krijgen in de opbrengst en een optimaal monstervolume te bepalen. Hierbij wordt onderscheid gemaakt tussen de opbrengst van de concentratiestap met hemoflow en verdere opwerking en analyse in het laboratorium. Uit historische gegevens blijkt dat hemoflow de laagste opbrengst heeft, al spreken laboratoriumexperimenten dit tegen. Van de onderzochte waterkwaliteit- en weergegevens blijkt alleen een negatieve invloed van gesuspendeerde stoffen (ook waargenomen als troebelheid) op de opbrengst. Het type gesuspendeerde stof, bijvoorbeeld algen, lijkt daarbij ook van belang. Uit het experimenteel onderzoek volgt een aanbeveling voor het optimale monstervolume van 200 liter. Aanbevolen wordt om per monsterlocatie of watertype te bepalen welk monstervolume resulteert in de laagste detectiegrens. Het uitvoeren van meer waterkwaliteitsanalyses tijdens de monstername kan hier mogelijk inzicht in verschaffen en troebelheid zou tijdens monstername kunnen worden gemeten om niet meer monster te concentreren dan kan worden onderzocht onder de microscoop. Ander oplossingsrichtingen zijn het onderzoeken van verbeterde hemoflow of andere concentratiemethoden, het toepassen van andere analysetechnieken of het bovenstrooms meten waar pathogeenconcentraties hoger zijn.