Trendalert - Samenredzaamheid
Details
Resilience Management & Governance
KWRW-Waterwijs
Wat zien we?
Na de Tweede Wereldoorlog ontwikkelde Nederland zich tot een typische representant van de Europese verzorgingsstaat.1 Vanaf de jaren tachtig kwam dit model echter onder druk te staan, waarna in de jaren daarna de aandacht verschoof naar het bevorderen van individuele zelfredzaamheid van burgers. De nadruk kwam daarbij te liggen op activering van eigen kracht, zelfregie en participatie, wat leidde tot een ontmanteling van sociale infrastructuur voor gemeenschappen. Toen bleek dat die
netwerken (daardoor, maar ook door de verdergaande maatschappelijk individualisering) erg schraal waren geworden, kwam het concept van samenredzaamheid op. 2
Hoewel samenredzaamheid gezien kan worden als een breuk met het neoliberale idee van zelfredzaamheid (ieder voor zich), is het evenmin een terugkeer naar de sociale bescherming van de verzorgingsstaat (collectief voor allen).3 Samenredzaamheid gaat uit van het vermogen van mensen om zich zoveel mogelijk te redden met behulp van een netwerk van vrienden, buren, familie en vrijwilligers. Het draait daarbij om sociale weerbaarheid: het vermogen om samen, met behulp van dat netwerk, incidentele of structurele problemen het hoofd te bieden.
Wat zit hierachter?
Samenredzaamheid, dat enkele jaren geleden nog vooral zichtbaar was in de zorg, heeft zich inmiddels verbreed naar andere domeinen van de samenleving, bijvoorbeeld op het gebied van veiligheid (buurtpreventiegroepen), de energietransitie (energiecollectieven), duurzame voedselproductie (herenboeren), wonen (wooncoöperaties) en crisisbeheersing (organiseren van
noodhulp in de buurt).4 Daarnaast speelt samenredzaamheid ook een belangrijke rol in de maatschappelijke stabiliteit, die sinds recente geopolitieke ontwikkelingen een nationale prioriteit is. In dit kader worden “sociale structuren” steeds meer gezien als “essentieel voor de veerkracht/weerbaarheid van de samenleving”.