Evaluatie effecten op grondwatersamenstelling bodemenergiesysteem Koppert Cress
Details
Geohydrologie
KWR rapport
Aanleiding en uitgevoerde werkzaamheden
Het OBES‑systeem bij Koppert Cress wordt sinds 2015 ingezet met verhoogde opslagtemperaturen (>25 °C) om restwarmte efficiënter te benutten. Omdat kennis over de effecten van midden‑ en hoge‑temperatuur opslag op grondwaterkwaliteit beperkt is, is in 2025 een aanvullende monitoring uitgevoerd binnen het KEEN‑programma. In drie bemonsteringsrondes zijn chemische, thermische en microbiologische gegevens verzameld uit de warme en koude bronnen en uit drie monitoringsputten, als vervolg op eerdere metingen uit de periode 2010–2020.
Belangrijkste resultaten en waargenomen effecten
Uit de metingen blijkt dat de gemiddelde opslagtemperatuur sinds 2020 niet verder is toegenomen en dat slechts incidenteel pieken tot circa 30 °C zijn geïnfiltreerd. De energiebalans is in recente jaren wel omgeslagen van een koude naar een warmteoverschot, waardoor de warme bel nu jaarlijks groter wordt. De chemische effecten worden duidelijk gedomineerd door menging tussen het zoetere ondiepe en het zoutere diepere watervoerende pakket, en niet door temperatuurverhoging. Hierdoor treedt in de ondiepe aquifer een sterke verzilting op, terwijl over de volledige filterdiepte gezien een nivellering van de chlorideconcentraties plaatsvindt. Waar het effect van menging zich bij de bronnen vrijwel direct voltrekt, duurt het in monitoringsputten op afstand van de bronnen meer dan tien jaar voordat vergelijkbare waarden worden bereikt. De microbiologische activiteit blijft laag en vergelijkbaar met eerdere jaren. Er zijn geen aanwijzingen dat verhoogde temperaturen de microbiologische activiteit of diversiteit hebben beïnvloed.
Implicaties voor beheer, onderzoek en beleid
– Qua beheer geldt dat de resultaten wijzen op een systeem dat stabiel opereert, zonder directe risico’s voor waterkwaliteit of putcapaciteit.
– Incidentele infiltratie tot circa 30 °C heeft in dit systeem niet tot extra effecten geleid ten opzichte van de te verwachtte effecten bij de gangbare LT-OBES limiet van 25 °C. Dit wijst erop dat OBES systemen die tijdelijk deze beperkt hogere temperaturen toepassen potentie bieden om duurzame warmtebronnen efficiënter te benutten, zonder dat dit op basis van de huidige kennis tot extra risico’s leidt. Over opslag bij nog hogere temperaturen kan op basis van dit onderzoek echter geen bredere conclusies worden getrokken.
– Gezien de toekomstige aansluiting op aardwarmte zullen bij Koppert Cress in de komende jaren waarschijnlijk aanzienlijk hogere opslagtemperaturen worden toegepast. De huidige situatie biedt een uitgelezen kans om in vervolgonderzoek temperatuureffecten beter te onderscheiden, nu het effect van menging zich hier grotendeels heeft voltrokken.